titel mythes

Er bestaan behoorlijk wat misverstanden over vermageren, de voeding in het algemeen en melk en zuivelproducten in het bijzonder. Wat is ervan aan?


Maaltijden overslaan helpt om te vermageren.
Wie wil vermageren moet honger lijden.
Dik zijn, ik kan het niet helpen want het zit in mijn genen.
Brood en aardappelen zijn dikmakers.
Varkensvlees is altijd vet en dus te mijden.
Melk maakt dik.
Er zit meer calcium in volle dan in magere melk.
Melk is makkelijk te vervangen door calciumverrijkte producten.
Steeds meer mensen lijden aan een koemelkeiwitallergie.
Mensen met een lactose-intolerantie mogen geen melk drinken.
Melk is de belangrijkste oorzaak van voedselallergieën.
Door de UHT-behandeling gaat de kwaliteit van melk verloren.
Melk bevordert slijmvorming.
Melk bevordert osteoporose.
Melk is alleen voor baby's.
Melk wordt niet voldoende gecontroleerd op voedselveiligheid.


Mythe: maaltijden overslaan helpt om te vermagerentekenig mythes

Integendeel. De calorieën die je zo bespaart worden vaak gecompenseerd en zelfs overschreden door meer tussen de maaltijden of tijdens de andere maaltijden te eten. Houd je aan drie maaltijden per dag en twee tot maximaal drie gezonde tussendoortjes (bv. yoghurt, fruit). Zo voorkom je een knorrende maag en is de kans kleiner dat je tussendoor gaat snoepen en snacken of bij de eerstvolgende maaltijd geen maat kent.

Mythe: wie wil vermageren moet honger lijden

Bij vermageren gaat het vaak niet om minder eten, maar om anders eten. Voor velen komt het hierop neer: meer groenten en fruit, matig met vlees en regelmatig vis, meer bruin brood en minder beleg, voldoende magere of halfvolle zuivelproducten en minder snacks en zoetigheden (cfr. de aanbevelingen van de actieve voedingsdriehoek). Vette producten vervangen door hun magere varianten en water drinken in plaats van frisdranken, bier of wijn scheelt al in calorieën. Vezelrijke producten zoals volkoren producten, fruit en groenten geven een groter verzadigingsgevoel. Door een verhoogde verzadiging eet je minder en verlaag je je energie-inname.

Mythe: dik zijn, ik kan het niet helpen want het zit in mijn genen

De mate waarin je verdikt kan genetisch bepaald zijn, maar of je te dik wordt, is afhankelijk van je energie-evenwicht (je inname versus je verbruik). En dat heb je zelf in de hand met wat en hoeveel je eet en hoeveel je beweegt. Daar hebben je ouders en grootouders niks mee vandoen, tenzij je samen met hun genen ook hun verkeerde eet- en leefpatroon hebt overgenomen. Maar dat kan je veranderen. Zorg dat je niet meer eet dan je verbruikt en zorg voor voldoende lichaamsbeweging. Dat betekent niet dat je niet meer mag genieten. Integendeel. Wie bewuster eet, geniet meer.

naar bovenNaar boven

Mythe: brood en aardappelen zijn dikmakers.

Brood en gekookte aardappelen in de aanbevolen hoeveelheden maken niet dik. Ze zijn juist heel gezond: ze zitten vol vitaminen, mineralen en vezels. Rijst en deegwaren leveren bijna twee maal zoveel calorieën als dezelfde portie gekookte aardappelen. En dan zwijgen we nog over de room- en vleessauzen die bij deegwaren gebruikelijk zijn. Mogelijke dikmakers zijn ook te veel beleg op de boterham (enkel beleg voor een dubbele boterham volstaat) en bereide aardappelbereidingen zoals gebakken aardappelen, frieten en kroketjes. Vet toevoegen of onderdompelen in frituurvet of -olie levert extra vetcalorieën op (zie de coloriewijzer).

Mythe: varkensvlees is altijd vet en dus te mijden.

Een varkensmignonnette en een varkenshaasje bevatten niet meer vet dan bijvoorbeeld rosbief, een kippenborst of mager kalsfvlees (nauwelijks 2 g vet per 100 g). Varkensgehakt en spek bevatten wel beduidend meer vet. Let tevens op de bereidingswijze. Gepaneerd vlees slorpt bijvoorbeeld veel vet op tijdens de bereiding.
Vlees is rijk aan essentiële voedingsstoffen, zoals eiwitten, ijzer en vitamine B1, en past in de aanbevolen hoeveelheid van 100 g per dag perfect in een lijnvriendelijke voeding. Mager vlees krijgt de voorkeur (maximaal 10% of 10 g vet per 100 g). Het vetgehalte van vet vlees kan oplopen tot 20 % en meer, bijvoorbeeld gehakt, worst, paté, salami en andere bereide vleeswaren. Elke vleessoort (varken, rund, kalf, schaap) levert stukken die mager, gemiddeld vet of vet zijn. Je slager kan je hierin adviseren.

Mythe: melk maakt dik.

Niets is minder waar. Zeker niet als je in een gezond vermageringsplan kiest voor magere melk die quasi geen vet bevat. Zuivel lijkt zelfs een gunstig effect te hebben op ons lichaamsgewicht. Uit onderzoek blijkt dat mensen die voldoende (magere) zuivel eten of drinken, minder kans hebben op overgewicht. Het precieze werkingsmechanisme is nog niet duidelijk. Zowel calcium als eiwitten maar mogelijk ook nog andere melkcomponenten kunnen hierin een rol spelen. Een hoog calciumgehalte in het bloed zou voor vetcellen een signaal zijn om vet te gaan verbranden. Hou er wel rekening mee dat gezoete zuivel meer calorieën aanbrengt dan ongezoete soorten. Hou je tevens aan de aanbevolen hoeveelheden en stel ook de rest van je voeding evenwichtig samen als je aan het lijnen bent.

naar bovenNaar boven

Mythe: er zit meer calcium in volle dan in magere melk.

Magere, halfvolle en volle melk bevatten nagenoeg evenveel calcium. In volle melk zitten meer vet en vetoplosbare vitamines A en D. Feit is dat zowel magere, halfvolle als volle melk de voornaamste natuurlijke bronnen van calcium in de Westerse voeding zijn. Samen met andere melkproducten voorzien zij in ongeveer twee derden van de aanbevolen hoeveelheid. Die is essentieel voor een optimale botontwikkeling bij kinderen en adolescenten en een goed onderhoud ervan op volwassen en oudere leeftijd.
Volgens de actieve voedingsdriehoek krijgen magere en halfvolle melk de voorkeur. Tot de leeftijd van 3 tot 4 jaar wordt volle melk aangeraden.

Mythe: melk is makkelijk te vervangen door calciumverrijkte producten.

Als je melk alleen vervangt door calciumverrijkt fruitsap of water of door calciumsupplementen, kan je inderdaad genoeg calcium binnenkrijgen. Maar je mist dan wel een heleboel andere belangrijke voedingsstoffen die melk rijk is, zoals hoogwaardige eiwitten, zink en B-vitaminen. Melk is een unieke combinatie van essentiële voedingsstoffen die een belangrijke bijdrage leveren tot een goede gezondheid, en kan niet zomaar door iets anders worden vervangen. Ook niet als je wil vermageren.

Mythe: steeds meer mensen lijden aan een koemelkeiwitallergie.

In de realiteit treft een koemelkeiwitallergie vooral jonge kinderen. Gemiddeld 1 tot 3 % van de pasgeborenen zou in de eerste maanden een koemelkeiwitallergie ontwikkelen. Deze allergie vermindert meestal vanaf de leeftijd van 2 jaar. Kinderen met een koemelkeiwitallergie kunnen trouwens ook allergisch reageren op melk van andere diersoorten (geit, schaap,...) en op producten op basis van soja. Een koemelkeiwitallergie is ten slotte niet hetzelfde als een lactose-intolerantie.

naar bovenNaar boven

Mythe: mensen met een lactose-intolerantie mogen geen melk drinken.

Door een tekort aan het enzym lactase kan men een voedselovergevoeligheid ontwikkelen voor het melksuiker lactose (lactose-intolerantie). Wie over weinig lactase beschikt, kan meestal toch nog een zekere hoeveelheid melk en melkproducten verdragen. De meerderheid van de personen met een lactose-intolerantie kan minstens één kop melk verdragen zonder problemen. Wanneer de melk wordt verdeeld over de dag, kunnen velen zelfs twee koppen aan. Melk verwerkt in een maaltijd, yoghurt en harde en gerijpte kazen die zo goed als geen lactose bevatten, worden eveneens goed verdragen.

Mythe: melk is de belangrijkste oorzaak van voedselallergieën.

De meerderheid van de Westerse bevolking heeft geen last van melk. Zoals er mensen zijn die geen noten of mosselen verdragen, zo zijn er ook die geen melk verdragen. Dat is echter maar het geval bij een beperkt percentage van de bevolking. Een voedselallergie kan enkel via een grondig medisch onderzoek worden bevestigd. Denken dat je allergisch bent en daarom melk mijden kan resulteren in een eenzijdig voedingspatroon en eventuele voedingstekorten.

Mythe: door de UHT-behandeling gaat de kwaliteit van melk verloren

Klopt niet. Bij UHT (ultra high temperature) wordt melk 1 tot 5 seconden verhit op 135 tot 150 °C. Zo blijft de melk langer houdbaar, maar - en dat is heel belangrijk - zonder kwaliteitsverlies. Ook het verlies aan vitaminen blijft beperkt.

naar bovenNaar boven

Mythe: melk bevordert slijmvorming

Wordt wel eens verteld, alleen is er geen enkel wetenschappelijk bewijs dat dit bevestigt, ook niet bij astmalijders en mensen met een verkoudheid. Het gevoel dat er zich na het drinken van melk een dekkend laagje in de mond en de keel zou vormen, is niet het gevolg van een toegenomen slijmvorming, maar heeft te maken met de textuur van melk (en is onschuldig en verdwijnt ook snel).

Mythe: melk bevordert osteoporose

Het tegendeel is waar. Specialisten zijn het erover eens dat eerder een tekort aan calcium in de voeding bijdraagt tot de ontwikkeling van osteoporose. Melk is rijk aan calcium, en wordt daarom aanbevolen om osteoporose te helpen voorkomen. Zonder melk levert een doorsnee voeding gemiddeld slechts zo'n 350 mg calcium, en dat is minder dan de helft van wat wordt aangeraden. Bovendien bevat melk vitamine D (in volle melk), eiwitten en fosfor, die in combinatie met calcium een gunstige invloed hebben op onze botgezondheid.

naar bovenNaar boven

Mythe: melk is alleen voor baby's

Melk is levensbelangrijk voor baby's, zij het tot de leeftijd van 18 maanden in de vorm van een aangepaste zuigelingenmelk. Nadien is gewone melk toegestaan. Volwassenen moeten ongeveer evenveel melk (of melkproducten) blijven drinken als opgroeiende kinderen. Om de botten sterk te maken, en nadien ook sterk en gezond te houden, heeft men op elke leeftijd de vereiste hoeveelheden bouwstoffen, waaronder ook calcium, nodig. Daarnaast biedt melk nog andere essentiële voedingsstoffen die bijdragen tot een goede gezondheid.

Mythe: melk wordt niet voldoende gecontroleerd op voedselveiligheid

Integendeel. De Belgische zuivelsector kent een lange traditie van uiterste kwaliteitszorg. Alle schakels van de productieketen doen belangrijke inspanningen om een gezond en goed product op de markt te brengen. De wetgever heeft strikte kwaliteitsnormen bepaald waaraan melk moet voldoen. De overheid en in het bijzonder het Federale Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV of Voedselagentschap) kijkt hier streng op toe. Producenten die melk leveren die niet voldoet aan de criteria krijgen boetes en riskeren een leveringsverbod.


naar bovenNaar boven